Bevroren Traditie

//Bevroren Traditie

Bevroren Traditie

Grote koppen in de kranten: “Paus houdt vast aan het celibaat”, “Paus laat soepeler uitleg doctrine niet toe”. En nog zo een paar . Daarin ook andere punten van kritiek: gescheiden en hertrouwde mensen worden uitgesloten van de communie, tenzij zij leven als ‘broer en zus’; geen eucharistieviering bij huwelijk en begrafenis als daarbij ook niet-katholieken aanwezig zijn; meer missen in het latijn. – Zie ook onze website www.rkkerkbennekom.nl.

In de apostolische exhortatie (aansporing) “Sacramentum Caritatis” – een document van bijna 32000 woorden – vat de paus de resultaten samen van de bisschoppelijke synode, gehouden als sluitstuk van het jaar van de Eucharistie(2005). Zijn bedoeling is om ons nog eens te meer bewust te doen zijn van het rijke erfgoed aan doctrine en discipline dat eeuwen van ontwikkelingen omtrent de Eucharistie hebben voortgebracht

Al vóór bedoelde synode waren van alle kanten stemmen opgegaan die pleitten voor veranderingen in het centralistische bestuur van de Kerk door meer autonomie te laten aan de bisschoppen en hen meer te zien als gelijken van de paus, die de ‘primus inter pares’ is. En ook om, voor wat het verplichte celibaat betreft, de teugels wat te vieren door bijvoorbeeld althans gehuwde “gerijpte” mannen – viri probati –  tot het priesterambt toe te laten. Er is veel gestudeerd en veel vergaderd, maar de besluiten van de synode brachten teleurstelling. Er veranderde niets. Ook al is 81 procent van de Franse katholieken voor opheffing van het verplichte celibaat voor priesters en 79 procent voor toelating van vrouwen in het ambt, 60 procent van de Poolse priesters wil trouwen en ook zeer veel bisschoppen en priesters ‘all over the world’ dezelfde mening zijn toegedaan.

En ook voor ons mag de priester best gehuwd zijn. Hoewel niet gesteld kan worden dat het verplichte celibaat dé oorzaak van het priestertekort is, heeft het er wel toe bijgedragen en het zal zeker een negatieve rol spelen als het er om gaat jonge mensen te winnen voor het priesterambt. De paus benadrukt nog eens dat het priesterambt een complete gelijkvormigheid aan Christus eist  en Christus leefde in een maagdelijke staat (waar we historisch gezien eigenlijk niets van weten). Geldt de gelijkvormigheid aan Christus niet als ideaal voor ons allemaal? In de Oosterse Orthodoxe Kerken, die in dezelfde traditie staan als de Latijnse Kerk en wat de Eucharistie betreft hetzelfde geloofsgoed belijden, is het gehuwd zijn geen beletsel voor de priesterwijding. Slechts een bisschop dient ongehuwd te zijn.

Ook is het celibaat op zich zelf geen deugd. Het is een staat van ‘zijn’ die een mens voor zichzelf kiest mede afhankelijk van de doeleinden die hij/zij zich stelt. Een keuze voor juist de gehuwde staat kan ook een positief effect hebben op de ambtsuitoefening van de priester, te weten zich gesteund weten door een partner waarmee hij/zij in een liefdesband is verbonden tot een ‘twee-zijn’, zoals de mens bedoeld is. Het alleen zijn van de priester brengt ook grote risico’s met zich mee, zoals de praktijk, helaas tot schande en schade van de Kerk, heeft laten zien.

De celibaatsverplichting werpt een bijzonder licht op de koppeling van de priester aan de geldigheid van de eucharistieviering. In de eerste van de eeuwen waarin doctrine en discipline zich ontwikkelden werd de maaltijd des Heren, de eucharistie, gevierd zonder dat daarin een priester voorging. Het ambt van bisschop en priester ontstond in de kerk pas omstreeks de overgang van de eerste naar de tweede eeuw om leiding te geven aan de vele geloofsgemeenschappen die overal in de hellenistische wereld van toen waren ontstaan, en om daarin ter wille van de eenheid het evangelie te verkondigen en de diaconie te beoefenen. Dat de priester als hij ter plaatse aanwezig was dan ook voorging in de viering van de maaltijd ligt voor de hand, maar het priesterschap heeft zich niet uit de eucharistie ontwikkeld.

De praktijk in onze parochies laat een sterke gehechtheid zien aan de sacramentele viering van de Eucharistie. In die behoefte zal in steeds afnemende mate kunnen worden voorzien. Dit heeft tot gevolg dat de traditie van de eucharistieviering in steeds mindere mate aan de volgende generaties kan worden doorgegeven. Het voelt als een tegenstrijdigheid dat de Kerk de hoge waarde van de Eucharistie belijdt maar in haar disciplinaire regels blokkades in stand laat voor de viering daarvan.

Ik sluit af met een citaat van oud-minister Agnes van Ardenne: “Het denken in de kerk wordt stopgezet als wij deze brief voor kennisgeving aannemen, als we er niet over discussiëren en toch onze eigen gang gaan. En dat is wat er eigenlijk al gebeurt, dat weten we allemaal”. (Agnes van Ardenne voor Kruispunt Radio: gelezen in ‘Volzin’ van 7 april 2007)
Timo Harmsen
7 april 2007

By | 2017-05-10T16:20:12+00:00 april 7th, 2007|nieuwsblad|0 Comments

Leave A Comment