ISRAËL: op reis in het Heilige Land.- (Vervolg 2)

//ISRAËL: op reis in het Heilige Land.- (Vervolg 2)

ISRAËL: op reis in het Heilige Land.- (Vervolg 2)

De moderne techniek maakt het mogelijk om achter je schrijftafel met het oog van de  satelliet heel het land van Israël in een keer te overzien. En in het bijzonder Galilea, het land rond het meer van Galilea, of ook het meer van Genesareth. Waar Jezus woonde, rondtrok en predikte. De Berg der Zaligsprekingen, waar in 1937 de Franciscanen een kerk bouwden, Kapharnaüm, waar Jezus woonde en Petrus zijn beroep van visser uitoefende.
Toen hij de mensenmassa zag, ging hij de berg op. Daar ging hij zitten met zijn leerlingen om zich heen. Hij nam het woord en onderrichtte hen”  lees ik bij Mattheüs 5. Altijd al heb ik me afgevraagd hoe al die mensen Jezus hebben kunnen verstaan. Dat ‘ging hij de berg op’ moeten we zinnebeeldig zien. 2) Zoals Mozes op de berg de wetten ontving uit de handen van God, zo spreekt Jezus als de nieuwe Mozes, vanaf de berg op gezag van de Vader. Toen ik voor de ingang van de kerk stond en zag dat op enige afstand enkele andere leden van de groep wat hogerop stonden, begreep ik dat Jezus niet op de berg stond met de mensen beneden zich, maar andersom. Hij sprak de mensen op de berg toe, zoals in de klassieke openlucht theaters, waarvan we er diverse zagen. En de wind die uit het Zuiden kwam aanwaaien droeg zijn woorden naar de mensen. “De overlevering heeft een heuvel ten noorden van het meer van Genesareth aangewezen als Berg der zaligsprekingen. Wie ooit daar geweest is en het uitzicht over het meer, de hemel en de zon, de bomen en weiden, de bloemen en het zingen van de vogels vanuit zijn ziel heeft waargenomen, kan de prachtige atmosfeer van vrede, van schoonheid van de schepping daar niet vergeten, in een land dat helaas geen vrede kent.” 2)
Afdalend van de berg komen we in Tabgha, waar een kerk is gebouwd ter herinnering aan de wonderbare broodvermenigvuldiging. Een alom bekend verhaal. Brood maakten de mensen in Jezus’ tijd zelf thuis. Water en brood namen ze mee als ze op reis gingen, altijd te voet. Ze waren dus lang onderweg. Toen ze zagen dat een jongen zijn brood en een paar visjes wel wilde opofferen om anderen te voeden, waren ze beschaamd, en deelden alles met elkaar wat ze bij zich hadden. “En ten derde is de bereidheid van allen om met elkaar te delen een wezenlijk element van het wonder”, (Ratzinger/Benedictus XVI t.a.p.) Delen is vermenigvuldigen.
“Hij liet Nazaret achter zich en ging wonen in Kafarnaüm, aan het Meer van Galilea, in het gebied van Zebulon en Naftali.” – Mat.4,13 – Kafarnaüm was in Jezus’ tijd een vissersdorp en handelsplaats. Visserij was een belangrijke bedrijfstak1). Door de hoge kosten van het materieel – de boot met zijn uitrusting van netten en ander materieel – was men wel gedwongen tot samenwerking. Jezus treft dan ook altijd een groepje vissers samen aan. Zullen we de vier samenwerkende vissers, Simon, Andreas, Jacobus en Johannes de firma Barjona noemen? – Mat.16,17 –
In 1985-86 vond men even ten Noorden van Tiberias een goed bewaard gebleven vissersboot uit de tijd van Jezus. Een houten schip, op een wijze gebouwd als in het Oostelijke deel van de Middellandse zee gebruikelijk was, met een lengte van 8 meter. Op een replica van zo’n schip maakten we een tocht over het meer. Zo’n schip kan je fantasie levendig ondersteunen. Wie weet hoe het bij ons op het IJsselmeer kan spoken, kan zich de angst van de vissers in een storm op het meer ook goed voorstellen. Op de voormalige Zuiderzee hebben ook heel wat vissers het leven gelaten.

Jezus onderwees in de synagoge van ‘als iemand met gezag, niet zoals de schriftgeleerden’ (Marcus 1, 21-22). De restanten van de synagoge die wij in Kafarnaüm zagen is weliswaar pas aan het eind van de derde of in de vierde eeuw na Christus gebouwd, maar staat wel op de plaats van een eerdere synagoge. Onder de fundering ervan hebben archeologen basalten muren van een eerdere synagoge gevonden die uit de eerste eeuw na Christus stammen. Veel schriftgeleerden zeggen dat dit de oorspronkelijke constructie is die werd gebouwd door de Romeinse centurion die daar gestationeerd was (Lucas 7, 3-5).

Reisgidsen voor Israël spreken wel van treden ‘in de voetsporen van Jezus’. Onze voornaamste reisgids was echter de bijbel zelf. Wat van Jezus nog in zand en steen getekend staat vormde een levendige achtergrond voor de verhalen van de evangelisten.
De reis was hiermee nog niet aan het eind. Maar de plaatsen waar de herinnering aan Jezus het meest tastbaar waren heb ik u  laten zien en daardoor misschien kunnen aansporen de reis ook eens te maken. Want ook overigens is Israël een prachtig en modern land. Toerisme is voor Israël een belangrijk middel van bestaan. Toen wij er waren was de toeristenstroom ten gevolge van dreigingen die uitgaan van de actuele politieke situatie tot de helft ingekrompen. We kunnen het slechts betreuren dat het Joodse volk van Israël gedwongen wordt zijn strijd van eeuwen her om het bestaan eindeloos te moeten voortzetten.

Timo Harmsen

26 juli 2007
1)”Vis was veel belangrijker dan vlees in het voedingspatroon van de ‘gewone’ man.[…] Het beroep van visser stond in hoog aanzien.”  In Jezus’ tijd had Palestina 6 à 700.000 inwoners.  E.Morin, ‘Jezus een gebeurtenis’,  Gooi en Sticht bv, Hilversum 1980)

2) Zie: Joseph Ratzinger/Benedictus XVI, ‘Jezus van Nazareth’ p.83, Lannoo 2006,

By | 2017-05-10T15:45:33+00:00 juli 26th, 2007|nieuwsblad|0 Comments

Leave A Comment