De stichting – vervolg 2

//De stichting – vervolg 2

De stichting – vervolg 2

15 februari 2010. Elf van de twintig personen die in positieve zin gereageerd hebben op mijn voorstel een stichting op te richten tot steun aan onze Bennekomse geloofsgemeenschap hadden de avond beschikbaar om met elkaar te bespreken hoe wij verder zouden gaan. Leden van het parochiebestuur en van de locatieraad die ook waren uitgenodigd, moesten helaas om persoonlijke of zakelijke redenen verstek laten gaan. Ik respecteer hun keuze. De beste mensen zijn altijd het meest bezet.

Met twaalven waren we, een symbolisch aantal. Twaalf mensen, allen in een of andere tak van vrijwilligerswerk in onze gemeenschap actief en allen bezorgd om de toekomst van onze, wat eens mocht heten, parochie.

Het cement tussen de stenen van onze kerk was nog maar nauwelijks droog toen in het begin van de jaren zestig van de vorige eeuw het Tweede Vaticaanse Concilie het zicht opende op een omwenteling in onze Kerk. Een Kerk, niet langer een hiërarchisch instituut, maar het pelgrimerende Godsvolk. Een omwenteling in het theologisch denken dat er toe leidde dat een parochie niet langer werd gezien als het werkgebied van een pastoor rond het kerkgebouw maar als “een bepaalde gemeenschap van christengelovigen […] waarover de herderlijke zorg [….] aan een pastoor als haar eigen herder is toevertrouwd”.  ( een citaat uit het kerkelijk wetboek) Steeds beter zijn we de betekenis daarvan gaan ervaren  en begrijpen. De parochie als gemeenschap, een geheel van personen, die in de vervulling van wat wezenlijk is in het leven, op elkaar betrokken zijn en het reilen en zeilen met elkaar delen.

In de Kerk zijn wij allen christengelovigen. Doordat sommigen tot geestelijken worden gewijd, zijn de anderen als vanzelf leken. Maar allen, ook zij die leken genoemd worden, zijn geroepen “de zending uit te voeren die God aan de Kerk ter vervulling in de wereld toevertrouwd heeft”. ( een citaat uit het kerkelijk wetboek)

Misschien zonder ons dat met zoveel woorden bewust te zijn hebben wij, althans velen van ons, in de afgelopen jaren aan die roeping gehoor gegeven. Het tekort aan priesters heeft er toe geleid dat beslissingen in pastorale aangelegenheden, hoewel rechtens toevertrouwd aan de pastoor, in onze parochie, zoals in vele parochies, in belangrijke mate zijn genomen door parochianen in werkgroepen, die alle terreinen van het pastoraat bestrijken. Mede door het vooruitziende beleid van pastoors uit voorafgaande jaren, die deze ontwikkeling hebben gestimuleerd, mag onze parochie als een geactiveerde parochie worden gezien.

Steeds meer ook zijn wij ons bewust geworden van wat de kenmerken zijn van een gemeenschap, haar eigenheid en haar zelfstandigheid, waaruit haar eigen leiding voortvloeit, alsmede haar rechtspersoonlijkheid op grond waarvan zij als zodanig kan handelen en in de wereld om ons heen kan optreden.

Aan deze ontwikkelingen heeft ten goede bijgedragen de samenwerking die tussen parochies in de regio, mede op instigatie van en in samenwerking met het bisdom op gang is gekomen. Onze besturen en ook vele andere parochianen hebben zich bij voortduring met hart en ziel aan deze samenwerking gewijd.

Inmiddels moeten wij vrezen dat door de fusie van parochies, waarom wij niet gevraagd hebben, schade aan de belangen van onze plaatselijk geloofsgemeenschap wordt berokkend. Van overal uit het land bereiken ons tekenen dat kerkelijke overheden langzamerhand, beetje bij beetje, haast sluipenderwijs, vrijheden die in de loop der jaren zijn gegroeid, bijvoorbeeld op het gebied van de oecumene, weer inperken en dat er een terugkeer gaande is naar een bekrompen orthodoxie. Het lijkt er op dat het beleid van fusies van deze inperkingen een onderdeel is. In het bijzonder het verlies van zelfstandigheid die de fusie tot gevolg heeft, raakt de gemeenschap juist in wat haar het meest eigen is. Het verlies van zelfstandigheid heeft eerder een demotiverend effect dan dat het parochianen tot een missionaire spiritualiteit kan stimuleren.

Met het oprichten van een juridisch lichaam willen wij trachten de nadelen te keren. Met name een stichting, waarvan het bestuur zal worden benoemd door leden van de lokale gemeenschap, waardoor de gemeenschap zich vertegenwoordigd weet en waarin zij zich als zelfstandige entiteit zal kunnen herkennen.

De stichting beoogt zich in alle openheid volledig coöperatief op te stellen ten opzichte van de rechtens aangewezen bestuurders van de parochie, zo mogelijk initiatieven aan te dragen in het belang van de lokale gemeenschap en daarvoor eventueel extra fondsen te werven. Het is met alle reserve dat wij tot uitdrukking brengen dat wij de stichting ook zien als een mogelijk voertuig dat aan de gemeenschap diensten kan bieden als de omstandigheden zich zodanig ontwikkelen dat een meer van de kerkelijke overheden onafhankelijke koers moet worden gevaren.

Intussen heeft de Werkgroep Toekomst MVR u gevraagd mee te werken aan de peiling van de aard en de visie van onze gemeenschap. Dit kan bijdragen aan het behouden van onze eigen identiteit als lokale geloofsgemeenschap. We zien met gespannen verwachting naar het resultaat van deze peiling uit en willen voor zoveel nog nodig u aansporen de vragenlijst in te vullen en op te sturen.

By | 2017-05-04T14:39:49+00:00 februari 16th, 2010|nieuwsblad|0 Comments

Leave A Comment