Pausschap in ballingschap, deel I

//Pausschap in ballingschap, deel I

Pausschap in ballingschap, deel I

foto vanaf het dakterras van 62 rue Joseph Vernet, Avignon

Rome-Avignon, vice versa; de ontwikkeling van een schisma. Deel I

1. Toerist in Avignon

Zoals de Rome reiziger niet om de St. Pieter heen kan, zo zal de bezoeker van het Zuid-Franse Avignon zich niet kunnen onttrekken aan een bezoek aan het “Palais des papes”, het paleis van de pausen, dat met zijn robuuste vormen de skyline van de stad beheerst.

Ook met de audiotour dwalend door de lege zalen en vertrekken en trappen en binnenplaatsen en de toelichtingen lezend die overal zijn opgehangen, blijft het welhaast onmogelijk de achtergronden van de geschiedenis van de pausen van Avignon te door­gronden. Als argeloze bezoeker vraag je je voornamelijk af hoe het in hemelsnaam mogelijk was te leven en een hofhouding te voeren in de kilte van het fortachtige bastion. Onze verbeelding moet de kille ruimtes aankleden met tapijten en meubilair. Onze fantasie volgt het hoofd van de ‘service des cierges’ – dienst van de kaarsen, die niet alleen voor de eredienst werden gebruikt – om met talloze kaarsen en open haarden licht en warmte te verschaffen. De hofhouding was perfect georganiseerd en met tientallen diensten en honderden dienaren was het leven er gemak­kelijk. Avignon werd de hoofdstad van een enorm politiek, administratief en financieel raderwerk en het pauselijke hof een lichtend artistiek en intellectueel centrum.

2. Strijd om de macht in Europa

Het blote feit dat paus Clemens V in 1309 de pauselijke residentie van Rome naar Avignon verplaatste en dat achtereenvolgens zeven pausen aldaar resideerden onthult op zich zelf weinig van de complexiteit van de oorzaken van de omslag van pauselijke wereldmaatschappij naar pauselijke onmacht, die aan de ‘verbanning’ naar Avignon ten grondslag lag. “Aan het begin van de dertiende eeuw nog de glorierijk regerende paus Innocentius III, aan het einde van de Middeleeuwen de erbarmelijk gevangen­gezette Bonifacius VIII.”1) De pausen zagen zich als de opvolgers van zowel Petrus als Constantijn en als zodanig streefden zij naar een universeel imperium en een universeel paus­schap.2) “De uitholling van het universele imperium- [het Heilige Roomse Rijk.TH] – leidt tot een uitholling van het idee van het universeel pausschap”. (Küng, bl.524)

Duitse keizers en Franse en Engelse koningen streden onderling en met de paus – terwijl ze in hun onderlinge strijd soms ook de gunst van de paus zochten te verwerven en de paus de hunne – om de macht in Europa.

De Franse Koning Philips de Schone die dringend geld nodig had voor zijn strijd met de koning van Engeland onderwierp de clerus van zijn land aan de heffing van belasting. Bonifacius vaardigde daarop in 1296 een bul uit waarin hij de geestelijkheid verbood enige belasting te betalen aan welke wereldlijke leider ook. Tegelijkertijd vaardigde de paus een bul uit om de koning te excommuniceren. Dit was voor Philips aanleiding over te gaan tot lichamelijk geweld. Hij liet de zesentachtigjarige paus in zijn zomerverblijf te Anagni gevangen nemen met het doel de excommunicatie te verhinderen en de paus met geweld voor een synode te brengen. Na drie chaotische dagen werd Bonifacius bevrijd door de burgers van Anagni, maar de schok ten gevolge van de gewelddaad was dodelijk en binnen een maand was hij gestorven.3) (Babara Tuchman, bl.47)

3. Ballingschap in Avignon

Het was de politieke strijd om de wereldlijke macht, waarin ook van paus’ zijde met militaire middelen werd deelgenomen, en de daaruit volgende verwarde toestanden in Rome die de opvolger van Bonifacius VIII, Clemens V, er toe deed besluiten, overigens na lang aarzelen, om niet naar Rome te gaan, maar zich in Avignon te vestigen. Küng noemt daarvoor vooral gezondheidsredenen. Barbara Tuchman, bl.48, echter vermeldt daarvoor de druk van de Franse koning Philips de Schone, maar voornamelijk omdat hij – Clemens V – represailles van Italiaanse zijde vreesde voor de manier waarop de Fransen Bonifacius behandeld hadden, maar volgens de Italianen was de werkelijke reden het feit dat hij een Franse maîtresse onderhield, de beeldschone gravin van Périgord, dochter van de graaf van Foix.

Achtereenvolgens zeven pausen resideerden in Avignon. De laatste was Gregorius XI, die regeerde van 1370-1378. In 1377 keerde hij op aandringen van Catharina van Siena 4) terug naar Rome, waar hij stierf in 1378.

Sprekend van de ‘Pausen van Avignon’ zou men kunnen denken dat er elders, in Rome, nog andere pausen waren. Afgezien van een door tegenstanders van paus Johannes XXII in mei 1328 tot tegenpaus uitgeroepen Nicolaas V kende de periode van 1309-1378 geen tegenpausen. In 1330 onderwierp Nicolaas zich weer aan Johannes XXII. (Kühner, bl 97) Zeker is echter dat ‘de pausen van Avignon’ het hoofd zijn van de Kerk van Rome en dat hun residentie aan de oever van de Rhône niets afdoet aan de aard van hun spirituele en wereldlijke functie. De paus van Avignon is op de eerste plaats paus. En ‘waar de paus is daar is Rome’. Dat verandert in 1378, wanneer een dubbele verkiezing de kerk twee pausen geeft. Een in Rome en een in Avignon. Dit Groot Westers Schisma zal gedurende dertig jaar een van de grootste beproevingen van de kerk zijn. De Westerse Christenheid zal er veranderd uit te voorschijn komen.5)              (Wordt vervolgd)

 

1) Hans Küng, Het christendom, bl.524-538. Nederlandse vertaling 2009, Uitgever Ten Have.

2) zie ook: Eamon Duffy, Saints & Sinners, a history of popes 1997, Nederlandse vertaling Heiligen en zondaars, Een geschiedenis van de pausen, Uitgeverij Ten Have.

3) Barbara Tuchman, De waanzinnige veertiende eeuw, eenentwintigste druk 2010, De Arbeiderspers.

4) Hans Kühner, Geschiedenis der pausen, Prisma Boeken, 1962, bl.101.

5) Jean Favier, Les Papes d’Avignon, Fayard Paris 2006

By | 2017-05-04T16:08:56+00:00 oktober 25th, 2010|nieuwsblad|0 Comments

Leave A Comment