Pausschap in ballingschap, deel III

//Pausschap in ballingschap, deel III

Pausschap in ballingschap, deel III

Rome-Avignon, vice versa; de ontwikkeling van een schisma 0)

Het Groot Westers Schisma.1)

 

  1. Pausen en tegenpausen

Urbanus VI dacht er niet aan zijn ambt op te geven en Clemens VII, die al eerder de maliënkolder had gedragen, zag zijn poging om Rome te heroveren mislukken, en vestigde zich in Avignon. En zo waren er ineens twee pausen. Uiteindelijk zou de kerk aanvaarden dat de ‘echte’ pausen waren Urbanus VI en zijn door zijn kardinalen en hun opvolgers gekozen opvolgers. Maar tot zolang heerste er alom onzekerheid. Wie moesten de gelovigen volgen? De gewetensconflicten waar dit bij individuele christenen toe leidde zijn nauwelijks voorstelbaar. Zelfs de ‘heiligen’ hadden een verschillende opvatting: zo steunde Catharina van Siena Urbanus VI, terwijl  de extatische asceet Vincentius Ferrer, aanvoerder van de beroemde geselprocessies, Clemens VII steunde. (Küng, p.530-531) Landen waren geneigd hun loyaliteit door dynastieke en politieke overwegingen te laten bepalen. De pausen excommuniceerden elkaar en spraken een interdict uit over de aanhangers van hun rivalen.

Het zal duidelijk zijn dat de gevolgen van het schisma – een paus in Rome en een paus in Avignon – voor de kerk catastrofaal waren. Aanhangers van de rivaliserende pausen stonden tegenover elkaar met een haat die de latere godsdienstoorlogen zouden kenmerken. Met de verdubbeling van de kardinaalscolleges, curies en geldsystemen verdubbelde nu ook het  pauselijke wanbeleid. (Küng,p.531)

 

  1. Alleen een algemeen concilie kon uitredding bieden (Küng, p.531)

Hoe kon de kerk zich uit deze impasse redden? Kon een concilie de pauselijke suprematie die door vroegere pausen was onderwezen en de leer dat de paus over allen oordeelt en door niemand wordt geoordeeld, op zij zetten? Kon op grond van een klassieke leer worden bepleit dat een algemeen concilie een vertegenwoordiging van de gehele christenheid is en het hoogste gezag in de kerk uitmaakt? De pausen – noch van het ene, noch van het andere kamp – dachten er niet over om naar die leer (van het zogenaamde conciliarisme) terug te keren.

Intussen was Urbanus VI in Rome opgevold door achtereenvolgens Bonifacius IX, Innocentius VII en Gregorius XII en Clemens VII in Avignon door Benedictus XIII, toen kardinalen van beide zijden in 1409 een algemeen concilie in Pisa hielden om de eenheid in de kerk te herstellen. Dit concilie zette de twee bestaande pausen (Gregorius XII en Benedictus XIII af en koos een nieuwe paus Alexander V, die in 1410 opgevold werd door Johannes XXIII,3) De afgezette pausen, die zelf niet aan het concilie hadden deelgenomen, accepteerden de gang van zaken echter niet, zodat er nu drie pausen claimden de rechtmatige paus te zijn.

Hoe kon deze driepausenheerschappij overwonnen worden?

 

  1. Het concilie van Konstanz

Zonder concilie geen hervorming. Dat was buiten Rome de algemene overtuiging. (Küng,p.532) Johannes XXIII riep het concilie van Konstanz (1414-1418) bijeen in de verwachting dat het de besluiten van het concilie van Pisa zou bevestigen, zodat hijzelf de enige rechtmatige paus zou zijn. “Al gauw werd echter duidelijk dat de meeste deelnemers aan het concilie vonden dat alle drie de pausen van dat moment afgezet moesten worden, zodat er een nieuwe paus kon komen die voor alle partijen acceptabel was. Johannes XXIII probeerde zijn positie veilig te stellen door in de nacht van 20 maart 141 heimelijk van het concilie weg te vluchten. Hij hoopte dat, nu er geen paus aanwezig was, het concilie ontbonden zou worden en alles bij het oude zou blijven. Op 6 april echter bepaalde het concilie, in lijn met de argumenten van de conciliaristen, dat het concilie ook zonder de aanwezigheid van een paus bevoegd was bindende besluiten te nemen. Johannes XXIII werd daarop achterhaald en gevangengenomen. De andere twee pausen legden onder druk hun ambt neer. Twee jaar later werd Martinus V (afbeelding) door het concilie benoemd als nieuwe paus en als zodanig erkend door heel de Westerse kerk.

In 1418, nadat het concilie van Konstanz beëindigd was, gaf Martinus V Johannes XXIII zijn vrijheid terug. Hij benoemde hem tot bisschop en kardinaal van Toscane. Johannes overleed eind 1419, vermoedelijk op 22 december.”  Aan het schisma was een eind gekomen. Lees meer informatie in:http://nl.wikipedia.org/wiki/Paus_Martinus_V

 

  1. Epiloog

Het was het oecumenisch concilie van Konstanz dat in staat bleek een hoog ernstig probleem in de kerk op te lossen. Juist door de afzetting van drie pausen en de benoeming van Martinus V tot paus, stelde het concilie zich boven de paus en kwam een pauselijke goedkeuring niet meer in aanmerking. Dit behoudt zijn betekenis in de nog altijd levende vraag naar de hoogste macht in de kerk, paus of concilie. “Konstanz zou voor de papalistische, op Rome geconcentreerde theologie altijd een luis in de pels blijven, tot op de dag van vandaag.” (Küng, p.534)

Ook in de nadagen van het tweede Vaticaans Concilie hangt nog de vraag of de geldigheid van conciliebesluiten afhankelijk is van pauselijke goedkeuring  en of de paus conciliaire besluiten op zij kan zetten. Hier kan nog eens apart op worden ingegaan.

 

0) Voor dit artikel is ruim gebruik gemaakt van teksten uit de geraadpleegde litteratuur

1) Deel I:  zie “Maandblad voor de katholieken in Bennekom” van november 2010;
Deel II:  zie “Maandblad voor de katholieken in Bennekom” van december 2010

2) http://nl.wikipedia.org/wiki/Vincent_Ferrer

3) In de Rooms-katholieke Kerk is nog lange tijd onduidelijk geweest of Johannes XXIII (en zijn voorganger Alexander V) als paus of als tegenpaus beschouwd moesten worden. In 1958 kwam aan de onduidelijkheid een einde toen Angelo Giuseppe Roncalli als nieuwe paus de naam Johannes XXIII aannam (en niet Johannes XXIV). Daarmee kregen Alexander V en zijn opvolger definitief het predicaat tegenpaus.

 

Geraadpleegde literatuur:

Hans Küng, Het christendom, bl.524-538. Nederlandse vertaling 2009, Uitgever Ten Have.

Eamon Duffy, Saints & Sinners, a history of popes 1997, Nederlandse vertaling Heiligen en zondaars, Een geschiedenis van de pausen, Uitgeverij Ten Have.

Barbara Tuchman, De waanzinnige veertiende eeuw, eenentwintigste druk 2010, De Arbeiderspers.

Hans Kühner, Geschiedenis der pausen, Prisma Boeken, 1962, bl.101.

 Jean Favier, Les Papes d’Avignon, Fayard Paris 2006; Introduction

By | 2017-05-19T15:01:23+00:00 november 18th, 2010|nieuwsblad|0 Comments

Leave A Comment