Franciscus en een parochie-dag

//Franciscus en een parochie-dag

Franciscus en een parochie-dag

Wat hebben Paus Franciscus en onze parochie-dag, die we op 29 september zo luisterrijk vierden,  met elkaar te maken? Wel. dat ze beiden een wonder zijn; een wonder van de Parakleet[1]).

Ook al veranderde er in de kerk  nog geen wet of voorschrift, paus Franciscus is er al in geslaagd de kerk te hervormen alleen al door zijn openheid en echt de ramen en deuren van de kerk naar de wereld open te zetten, zoals paus Johannes XXIII met zijn ‘aggiornamento’ bedoelde.  Maar waar haalt Franciscus de bisschoppen vandaan om die hervorming overal en blijvend in de kerk vorm te geven? Een eik verander je zo maar niet in een populier. Maar dan bedenk ik dat zijn voorgangers op de stoel van Petrus, Johannes Paulus II en Benedictus XVI, bepaald geen voorstanders van die openheid waren. Toch benoemde  de  uitgesproken  begunstiger van Opus Dei, JPII,  een lid van de orde der jezuïeten Bergoglio tot kardinaal. En al die door hem en Benedictus  gecreëerde, in grote meerderheid conservatieve, kardinalen kozen Bergoglio tot paus. Is dat geen wonder? Wordt hier niet bewaarheid dat Christus altijd met zijn kerk is door ons zijn Geest als helper te sturen?
Ik kan dit niet beter toelichten dan met een citaat uit het interview van Antonio Spadaro SJ.[2]) met paus Franciscus: “Het beeld van de Kerk dat me bevalt, is dat van het heilige gelovige volk van God. [3]) [….] Niemand redt zichzelf als een geïsoleerd individu,[….] En de Kerk is het Volk Gods dat door de geschiedenis trekt in vreugde en in pijn. Sentire cum Ecclesia (meevoelen met de kerk…red.) ligt dus voor mij in het deel uitmaken van dit volk. Bovendien is het geheel van gelovigen onfeilbaar in het geloof en deze onfeilbaarheid komt tot uiting in de bovennatuurlijke geloofszin van het hele volk dat op pad is. Kijk, dat is wat ik vandaag versta onder het sentire cum Ecclesia waarover Ignatius spreekt. Wanneer de dialoog tussen de mensen, de bisschoppen en de paus zich op die weg engageert en loyaal is, dan geniet die dialoog de bijstand van de Heilige Geest. Het gaat dus niet om een sentire met betrekking tot de theologen’[…….]. ‘Men moet er dus niet van uitgaan dat het sentire cum Ecclesia alleen maar slaat op het sentire met de kerkelijke hiërarchie’.[….] ‘Uiteraard dient men goed te begrijpen dat deze infallibilitas (onfeilbaarheid…red.) van alle gelovigen, waarover ik het heb aan de hand van het Concilie, niet een soort van populisme is. Neen, het is de ervaring van de “hiërarchische Moeder de Heilige Kerk”, de Kerk als Volk Gods, herders en volk samen. De Kerk is de totaliteit van het Volk Gods’. ‘Deze Kerk met wie we moeten meevoelen, sentire, is het huis van allen; het is geen klein kapelletje dat slechts een select groepje personen kan omvatten. We moeten de boezem van de universele Kerk niet terugdringen tot een beschermend nestje van onze eigen mediocriteit (middelmatigheid…red).”

Nog een tweede citaat uit het interview wil ik u hier geven: “Vaticanum II is een herlezing geweest van het Evangelie aan de hand van de hedendaagse cultuur. Het heeft een hernieuwingsbeweging op gang gebracht die gewoon voortspruit uit het Evangelie zelf. De vruchten zijn enorm. Het volstaat te denken aan de liturgie. De liturgische hervorming is een dienst geweest aan het volk als een herlezing van het Evangelie vanuit een bepaalde historische gegevenheid. Ja, er zijn hermeneutische lijnen van continuïteit en ook van discontinuïteit, maar een zaak is toch duidelijk: met name de dynamiek om het Evangelie te lezen en te begrijpen op een geactualiseerde manier naar het heden toe is eigen aan het Concilie en is daarom absoluut onomkeerbaar. Er zijn uiteraard specifieke onderwerpen zoals de liturgie volgens de Vetus Ordo[4] . Volgens mij getuigt de keuze van paus Benedictus van prudentie, die te maken heeft met de bedoeling degenen die er gevoelig voor zijn te hulp te komen. Er bestaat echter een risico van ideologisering van de Vetus Ordo, van instrumentalisering ervan, en dat is zorgwekkend.”
Met te verwijzen naar de ‘hermeneutische lijnen van continuïteit’ zinspeelt Franciscus op de ‘hermeneutiek van de continuïteit’ van zijn voorganger Benedictus XVI, die daarmee waarschuwde voor een breuk met de traditie, een hermeneutiek van de discontinuïteit.  Maar Franciscus zegt hier dat de traditie dynamisch is, en voortdurend moet worden geactualiseerd in de tijd. Tegelijkertijd laat hij zijn voorganger in zijn waarde. Hij respecteert diens hang naar de Vetus Ordo, de traditionele Latijnse mis, en noemde het voorzichtig  beleid dat Benedictus  die  voor de ‘liefhebbers’ heeft toegestaan. Maar – en zo versta ik zijn woorden – je moet er geen systeem van maken. Het moet een uitzondering blijven, naar plaats of naar tijd. En dan nog alleen als de gemeenschap er om vraagt.

Intussen vierde onze lokale geloofsgemeenschap op luisterrijke wijze zijn jaarlijkse parochie-dag. Zij  benadrukte daarmee helemaal kerk te zijn,-  zij het niet de hele kerk. Foto’s op de website van onze gemeenschap[5])  laten zien hoe hartverwarmend het was en hoeveel mensen van alle leeftijden er aan meededen. En als je bovendien bedenkt hoeveel vrijwilligers  aan de voorbereiding hebben meegewerkt kun je echt spreken van een  participerende gemeenschap. Ze laat daarmee zien een vitale geloofsgemeenschap te zijn. Zoals het gezin de hoeksteen van de samenleving is, zo is de vitale lokale geloofsgemeenschap de hoeksteen van de kerk. Kerk mag hier ook verstaan worden in zijn algemene en universele betekenis van kerk van Christus. In dit opzicht neemt onze gemeenschap haar ware plaats in de Bennekomse religieuze gemeenschap in. Het is onze missionaire verantwoordelijkheid ook daarin te blijven participeren. Een lege Maria-Virgo-Regina-kerk zou een loochenen  zijn van  ons ‘sentire cum ecclesia’.

 

 

[1] Grieks: paraklètos; het woord betekent ‘te hulp geroepen’, ‘pleitbezorger’; wordt gebruikt om naar de Geest van/naast Jezus Christus (1 Joh.2,1) te verwijzen.

[2] ) Zie http://www.streventijdschrift.be/Interview_paus_Franciscus.pdf

[3] ) Volgens de definitie van Lumen Gentium, nummer 12.

[4] ) Vetus Ordo: de oude orde van de traditionele Latijnse mis, c.q. de Tridentijnse ritus,

[5] ) http://www.rkkerkbennekom.nl/

By | 2017-04-14T15:31:43+00:00 september 30th, 2013|nieuwsblad|0 Comments

Leave A Comment