Oorlog en terpentijn – een leeservaring

//Oorlog en terpentijn – een leeservaring

Oorlog en terpentijn – een leeservaring

Mijn schoondochter die in boeken doet, heeft het talent om je feilloos het boek te adviseren dat je graag leest: “Oorlog en Terpentijn” van de Vlaamse schrijver Stefan Hertmans. Ter gelegenheid van mijn zesentachtigste verjaardag kreeg ik het van haar cadeau.  In het TV-programma Buitenhof had ik de schrijver al over zijn boek horen praten. Daar vernam ik ook de informatie die nu op de flaptekst staat: ”Vlak voor zijn dood in de jaren tachtig van de vorige eeuw gaf de grootvader van Stefan Hertmans zijn kleinzoon een paar volgeschreven oude cahiers. Jarenlang durfde Hertmans de schriften niet te openen – tot hij het wel deed en onvermoede geheimen vond. Het leven van zijn grootvader bleek getekend door zijn armoedige kinderjaren in het Gent van voor 1900. Door gruwelijke ervaringen als frontsoldaat in de Eerste Wereldoorlog en door een jonggestorven grote liefde. In zijn verdere leven zette hij zijn verdriet om in stille schilderkunst. Stefan Hertmans’jarenlange fascinatie voor zijn grootvaders leven bracht hem uiteindelijk tot het schrijven van deze aangrijpende roman.”

Een prachtig boek. Prachtig van taal. ‘Vlaams’ is toch anders dan Nederlands. Het zingt meer. Heeft de kunst van het versieren in zich. Het boek vereist aandachtig lezen door de verschillende zich telkens afwisselende lagen waarop het verhaal zich afspeelt. De schrijver, de verteller, over zijn persoonlijke ervaringen met zijn grootvader. Het verhaal van de grootvader  in het gezin waarin hij opgroeide. Het verhaal van de overgrootvader, de ambachtelijke kunstschilder, die de fresco’s in kerken en kapellen mocht restaureren. Maar ook wat daarvan komt uit de aantekeningen van de grootvader zelf – vooral zijn ervaringen van die gruwelijke jaren 1914-1918 aan het front – en wat de schrijver uit eigen onderzoek en eigen fantasie aanvult.

Bij het lezen moest ik mij steeds realiseren dat de schrijver een man is van de generatie van mijn kinderen en dat de grootvader, Urbain Martien, waarover het boek gaat, is van de generatie van mijn vader. Als de schrijver het over de grootvader heeft moet ik mij steeds weer realiseren dat hij het heeft over mijn vader. Dat wil zeggen over de tijd van mijn vader. Door wat ik daarvan weet uit verhalen en uit wat ik zelf heb meegemaakt, voel ik mij in het verhaal van Urbain zeer thuis. Het zijn de herkenningen die het voor mij tot een bijzonder boek maken. Mijn vader was van 1895. Toen in augustus 1914 de Grote Oorlog uitbrak – dit jaar dus honderd jaar geleden – was hij net 19 jaar geworden. Hij is vier jaar als militair gemobiliseerd geweest. Hij diende bij de cavalerie. Daar waren de officieren van adel en de manschappen gewoon volk. In het boek van Hertmans zijn de officieren Walen en de manschappen Vlamingen, wat tot de dag van vandaag zijn gevolgen in de Belgische politiek doet voelen,  evenals het feit dat er meer Vlamingen aan het front vochten dan Walen, terwijl de laatsten toentertijd de meerderheid van de Belgische bevolking uitmaakten.

Wat mijn vader ons als kinderen van zijn militaire tijd vertelde waren bonte, avontuurlijke verhalen. Dat is wel het verschil met de verhalen van Urbain. Verschrikkelijke verhalen, onbegrijpelijk dat mensen zulke gruwelijkheden  kunnen doorstaan, Tekenend is ook dat de schrijver, maar eigenlijk is het Urbain in zijn aantekeningen zelf, die de lezer weet duidelijk te maken dat zijn moed en zijn doorzettingsvermogen voortkomt uit zijn geloof, zijn vroomheid en zijn trouw aan God en vaderland. Het boek toont hem als een moedig strijder, een oorlogsheld, als zodanig erkend door vele eretekenen hem verleend. Het boek vertelt dat Urbain drie keer gewond raakte, maar na herstel en een periode van revalidatie weer drie keer aan het front terugkeerde. Op de TV vertelde Stefan Hertmans dat het in werkelijkheid vijf keer gebeurde dat hij gewond raakte. Maar voor een boek is dat te veel. De werkelijkheid is erger dat onze verbeelding kan verdragen.

Het geloof en de vroomheid waarvan het leven van de grootvader getuigd is voor de mensen van mijn generatie zeer herkenbaar in het leven dat zij zich van hun ouders herinneren. Geloof en vroomheid, maar ook onvoorwaardelijke onderworpenheid aan het gezag, vooral dat van de kerk, van de pastoor. Zo vertelt het verhaal dat de overgrootvader na een zeer geslaagde restauratie van een fresco van zijn opdrachtgever, de pastoor van de kerk, nauwelijks enige lof verwierf. Hij mocht zich wat gaan verbeelden en te duur worden.

De gruwelijkheden van de oorlog, waarvan een soldaat die het meemaakte met eigen woorden vertelt, zijn helaas nog steeds actueel. Misschien is het daarom goed dat ik deze leeservaring besluit met een citaat van een enkele zin: “Wat veroorzaakt toch dat wonder, dat we in onze dromen licht en leven zien, terwijl het donker is om ons?”

By | 2017-04-14T14:23:18+00:00 februari 16th, 2014|nieuwsblad|0 Comments

Leave A Comment