DE VERWOESTING VAN EEN BISDOM

//DE VERWOESTING VAN EEN BISDOM

DE VERWOESTING VAN EEN BISDOM

Samenvatting van het essay  “DE VERWOESTING VAN EEN BISDOM: HET MASTERPLAN VAN KARDINAL EIJK” dat Jozef Wissink schreef als reactie op de visie van Kardinaal Eijk.

Om een idee van de inhoud te geven, niet om het lezen te vervangen, geef ik  hier een summiere samenvatting van de inhoud.
Het masterplan van kardinaal Eijk:
a. miskent de betekenis die de kerk op de verschillende plaatsen in dorp of stad voor de mensen heeft;
b. vergeet wezenlijke elementen vanuit een theologie van de kerk: De Kerk is een gemeenschap van gelovigen; de parochie is een welbepaalde gemeenschap van christengelovigen; een mega-parochie een gemeenschap van gemeenschappen;
c. ondersteunt niet dat het leiderschap van de kerk dialogaal is en bereid moet zijn te luisteren naar wat de Geest het via medegelovigen te zeggen heeft. Al toen het ging om het aanwijzen van de eucharistische centra, maar zeker bij processen van sluiting van kerkgebouwen moet de gemeenschap worden gehoord;
d. geeft voor het wegvallen van de pastorale werkers en werksters  en bezoldigde diakens financiële redenen, maar de achterliggende agenda is klerikalisme: het functioneren van de kerk ten dienste van de gewijde ambtsdragers, terwijl het juist andersom moet zijn: het gewijde ambt ten dienste van het gemeenschappelijk priesterschap van alle gelovigen;
e. leidt tot totale ontkerstening: met het sluiten van een kerk raakt men 90% van de aldaar kerkenden kwijt, om verschillende motieven: fysieke, denk aan de ouderen, woede, omdat men zich als gemeenschap niet serieus genomen voelt, ontheemding, men voelt zich in een andere kerk helemaal niet thuis. Beter dan totale ontkerstening lijkt het het christelijk geloof te behouden door affiliatie aan de protestantse kerk.
Onder ‘Alternatieven’ noemt Wissink:
f. De lokale geloofsgemeenschap is de grond waarop de kerk stoelt. “Daar wordt het hart van de ecclesiologie van Vaticanum II getroffen. Juist via plaatselijke geloofsgemeenschappen is de kerk nabij aan de mensen”.
g. Respect voor het morele eigendomsrecht van de geloofsgemeenschap op hun kerkgebouw. Juridisch is het kerkgebouw eigendom van de uit de fusie voortgekomen mega-parochie. Gelden uit eventuele verkoop gaan dan ook naar de mega-parochie, “Het is terecht dat dorpen en wijken dit als regelrechte diefstal ervaren, ook al is het dat juridisch niet”.
h. Tot slot komt Wissink, onder erkenning dat de situatie van de kerk in Nederland nijpend is, met de vraag “of het niet mogelijk is om met collega-bisschoppen aan Rome de vraag voor te leggen, of de criteria voor de priesterwijding versoepeld kunnen worden, zodat op zijn minst de priesterwijding van viri probati [als voortreffelijk beoordeelde mannen.. TH] toegestaan wordt.”
Noot van TH: Dit laatste doet me weer denken aan de brochure van de Nederlandse dominicanen uit 2007. Die was aanleiding om als eerste spreker op onze bezinningsavonden André Lascaris, een van de auteurs van die brochure, uit te nodigen. Zij mond was toen al gesnoerd door de Magister van zijn orde. Maar dat was kerkpolitieke move op instigatie van Simonis. De biografie van Simonis wijdt er maar een paar regels aan. Maar die brochure, maar ook de toespraak van Lascaris kunnen mij en ons nog altijd inspireren.

By | 2017-04-14T14:13:04+00:00 maart 13th, 2015|nieuwsblad|0 Comments

Leave A Comment